Is het partnermodel klaar
voor de toekomst?
Kort samengevat: een toekomstbestendig partnermodel moet aantrekkelijk zijn voor nieuwe partners, financieel houdbaar blijven bij toe- en uittreding en voldoende ruimte bieden voor investeringen en groei. Juist nu de mogelijkheden voor externe financiering binnen de advocatuur in beweging zijn, is het verstandig om deze afspraken opnieuw te beoordelen. Lees de zes vragen om jullie huidige partnermodel aan te toetsen.
Is het partnermodel klaar voor de toekomst?
Laatst zat ik met de partners van een advocatenkantoor om tafel om hun partnermodel door te nemen. De afspraken over toetreding, financiële ingroei en de vergoeding bij uittreding waren zorgvuldig uitgewerkt. Toch kwam tijdens het gesprek een andere vraag op tafel:
Zou de volgende generatie onder deze voorwaarden nog net zo graag partner willen worden?
Een partnermodel kan voor de huidige partners prima werken, maar tegelijkertijd minder aantrekkelijk zijn voor de advocaten die het kantoor straks moeten voortzetten. Zeker als toetreding een forse investering vraagt, de financiële ingroeiperiode lang is en het kantoor daarnaast verplichtingen heeft tegenover uittredende partners.
Die vraag wordt extra actueel nu ook de discussie over eigendom en financiering van advocatenkantoren in beweging is. De Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) presenteerde op 29 september 2026 haar eerste visie op een nieuw stelsel met ruimte voor nieuwe samenwerkingsvormen en beperkte externe financiering. De concrete voorwaarden en uitwerking moeten nog volgen.
Dat maakt dit een goed moment om niet alleen naar externe partijen te kijken, maar juist ook naar het eigen partnermodel.
Want als het advocatenkantoor in de toekomst in handen blijft van eigen advocaten, moet toetreding voor de volgende generatie niet alleen mogelijk zijn, maar ook aantrekkelijk en financieel haalbaar.
Met deze zes vragen ontdekken jullie waar het huidige partnermodel van het advocatenkantoor sterk is en waar aanpassing nodig kan zijn.





